De bouw schiet al lekker op

Hier is eindelijk weer een blogje van me. Elke keer als ik mijn tekst bijna af heb is er weer zoveel veranderd aan mijn huis dat het alweer oud nieuws is…
Dus vandaar maar een korte blog, maar wel met veel foto’s.

Alles gaat namelijk lekker door en mijn Kofferhuisje is bijna af. De kozijnen zijn ondertussen geplaatst en wat het helemaal mooi afmaakt: de buitenbekleding! Architecte Jetty Min en ik hebben gekozen voor Platowood. Dit is een Vuren houtsoort, duurzaam en zonder chemische en giftige stoffen bewerkt. Ik hoef het ook niet te onderhouden en uiteindelijk zal het hout vergrijzen.

De kozijnen zijn van Iroko en die hoef ik ook niet te behandelen. Alleen de kozijnen van de kleine ramen ga ik wel een leuk kleurtje geven.

En dan komt nog een van de moeilijkste dingen: ontspullen!!! Aan de ene kant gaat het best goed omdat je in de loop der jaren gewoon echt zooi verzameld. En dat kan allemaal weg. Aan de andere kant. Oei! Wat doe je met alles wat emotionele waarde heeft? Bewaren of gewoon wegdoen en hopen dat je het in je geheugen hebt opgeslagen…

Gelukkig heeft mijn bedstee straks een redelijk grote opslag maar kleiner wonen betekent natuurlijk niet elk gaatje ruimte volproppen met troep die je echt niet nodig hebt. Ik heb nog wel even wat werk te verzetten…

 

 

Even voorstellen: stagiaire Djavan

Mijn naam is Djavan Braumuller en ik loop momenteel stage bij Wooncoöperatie Tiny House Alkmaar. Tijdens deze afstudeerstage doe ik simpel gezegd onderzoek naar wat er nodig is om een Tiny House project te laten slagen in Alkmaar en andere gemeentes. Hiervoor zal ik voornamelijk onderzoek doen naar de kansen en bedreigingen van de omgevingswet en de sociologische aspecten rondom de Tiny House movement, een van de vragen die hieruit voorkomt is: ‘’Wat doet mensen kiezen voor het wonen in een Tiny House?’’.

Nu vraag je je natuurlijk af: ‘’Hoe kom je als student terecht in de wereld van Tiny Houses?’’. Om die vraag te beantwoorden is het handig om eerst wat achtergrondinformatie te geven. Om te beginnen ben ik een vierdejaars Landscape and Environment Management student aan hogeschool Inholland te Delft. De opleiding is een mix van ruimtelijke ordening en milieukunde. De keus voor deze groene opleiding is niet volledig vanzelfsprekend. Ik ben namelijk opgegroeid in het grijze Rotterdam Zuid, met een uitzicht op de bakstenen van mijn overburen. De onvermijdbare grijze omgeving heeft echter de passie voor natuur niet weten te dempen. Sterker nog: Ik denk dat mijn wijk de passie voor natuur juist heeft versterkt. Echter, kwam ik er tijdens de loop van mijn studie achter dat het wonen in de havenstad toch meer aan me is blijven plakken dan ik dacht. Zo vond ik het meeste plezier in het combineren van zowel de grijze als groene elementen van mijn opleiding. Het liefst zie ik mezelf nog jaren werken aan het vergroenen van de stedelijke ruimte.

De passie voor het vergroenen van de stedelijke ruimte uitte zich in de projecten die ik tijdens mijn opleiding uitkoos. Zo heb ik vanaf september 2017 tot februari 2018 gewerkt aan een Green Junior project met de opdracht om een volledig circulair eiland te ontwerpen voor de kust van IJmuiden. Dit Green Junior project liet mij kennis maken met de uitdaging van ontwerpen volgens de wensen en behoeften van bewoners, de diepe wortels die wet- en regelgeving heeft in een plan en het belang van duurzame projecten.

Ik geloof dat de het duurzaam inrichten van onze leefomgeving de toekomst is, niet alleen omdat innovatie belangrijk is, maar ook omdat het cruciaal is voor het voortbestaan van de wereld zoals we haar kennen. Dankzij mijn begeleider van het Green Junior project kwam ik contact met de projectleider van Tiny House Nederland en voorzitter van Wooncoöperatie Tiny House Alkmaar, Marjolein Jonker. Een van de redenen dat ik voor deze stage heb gekozen is mijn interesse in de mogelijke effecten van de omgevingswet die begin 2019 wordt ingevoerd, in het bijzonder op de effecten die het heeft op duurzame initiatieven. De omgevingswet beloofd namelijk kortere en eenvoudigere procedures en ook gaat de omgevingswet werken met het ‘ja, mits’-principe in plaats van het ‘nee, tenzij’-principe. Dit houdt in dat er meer ruimte zou moeten voor burgerinitiatieven.

Daarnaast zorgt de omgevingswet ervoor dat gemeentes meer afwegingsruimte hebben voor het stellen van kwaliteitsnormen. Dit klinkt natuurlijk hartstikke vaag, terwijl het eigenlijk hartstikke simpel is. Gemeenten mogen straks zelf gaan bepalen wat de normen zijn voor bepaalde aspecten in de fysieke leefomgeving, denk hierbij aan: natuur, bodemgesteldheid en geur. Stel dat een gemeente erg veel last heeft van geluidsoverlast, dan kunnen zij ervoor kiezen om de normen rondom geluidsoverlast strenger te maken. Een voorbeeld dat vaak wordt gebruikt is een mengpaneel. Je ziet op het bovenstaande mengpaneel dat bepaalde aspecten van de fysieke leefomgeving grenzen hebben (de rode strepen), dit zijn de Europese normen die momenteel gelden. Zo moet de luchtkwaliteit van een gemeente voldoen aan Europees gestelde eisen.

Een andere reden dat ik voor deze stage heb gekozen is de sociologische insteek die ik kan verwerken in het onderzoek. Zoals ik eerder zei, ga ik onderzoek naar wat mensen doet kiezen voor het wonen in een Tiny House. Sociologisch onderzoek vind ik persoonlijk erg interessant. Zo kan je jezelf afvragen: ‘’is er een typische Tiny House bewoner? En als deze er is, is deze persoon dan hoogopgeleid? Een man of een vrouw? Heeft hij/zij een grote portemonnee of een kleine?’’ En ga zo maar door.

Aan de hand van deze twee aspecten zal ik gedurende 5 maanden werken aan een advies met daarin een checklist. Het idee is, dat gemeentes of enthousiaste burgers met deze checklist hun omgeving kunnen toetsen op de mogelijkheid om een Tiny House wijk te realiseren. Punten die hierbij ter sprake zijn bijvoorbeeld:

  • – Hoe ziet de lokale bevolking eruit?
  • – Wat zijn de lokale normen die er worden gesteld? (Hoe ziet het mengpaneel eruit?)
  • – Is er veel leegstand in de gemeente?
  • – Welke actoren zouden mogelijk mee kunnen werken?
  • – Welke actoren zouden tegen kunnen zijn?
  • – et cetera

Ik ben erg blij dat ik dat ik stage mag lopen bij de nog jonge wooncoöperatie. De Tiny House movement wordt met de dag groter en met een beetje geluk zorg ik dat het verspreiden van de movement nóg wat sneller gaat.

Marja’s Tiny House is bijna klaar!

Over vier weken is mijn Tiny House klaar! Ja echt 🙂 Na een paar goede gesprekken heb ik eind vorig jaar besloten om het demo Tiny House van Ties Bosman te kopen.

Ties ging niet zomaar voor mij aan de slag, hij vroeg echt op alles door. Mijn motivatie om Tiny te gaan wonen. Waarom ik off-grid wil.  Waar ik wilde gaan wonen. Hoe de inrichting er uit moest gaan zien. Wateraanvoer, waterafvoer, stroomvoorziening, hoe ik mijn huisje ga verwarmen en waarom ik dat op die manier wil. We appen en bellen veel. Als je een demo koopt zit je al vast aan bepaalde maten en het vergt veel creativiteit van beide kanten om oplossingen te bedenken.

Ondertussen wordt er nu dagelijks aan mijn huisje gewerkt. Ik ben een aantal keren naar Leiden gereden waar mijn huisje staat om alle details door te spreken.  En ook om spullen te brengen. Een aanrechtblad, een werkblad,een koelkast. Wat moeten er veel besluiten genomen worden zeg!

Nu lijkt het dat ik alles ad hoc doe maar samen met mijn aanstaande buren van Tiny House Alkmaar heel veel op pad geweest naar leveranciers. Avonden hebben we hier over gesproken en hierdoor hebben we veel kennis opgedaan zodat ik weet wat ik wil. Als Ties nu een vraag heeft heb ik het antwoord al klaar. Het keukenblok wordt deze week geplaatst, mijn slaaploft getimmerd, de trap/kast wordt ook geplaatst. Zelf ga ik deze week beginnen met het schilderen van de buitenkant. Deze staat nog in de grondverf.  Het wordt zoo mooi! Ik kan haast niet wachten om in Alkmaar te gaan wonen!

Wooncoöperatie Tiny House Alkmaar

Gisteren hebben we de akte ter oprichting van Wooncoöperatie Tiny House Alkmaar getekend! Daarmee is initiatiefgroep Tiny House Alkmaar nu officieel een coöperatieve vereniging geworden, die voor haar leden afspraken kan maken, overeenkomsten kan aangaan en goederen en diensten kan inkopen. We zijn weer een stapje dichter bij het realiseren van ons Tiny House pilot project in Alkmaar, maar we zijn er nog niet. Vandaag willen we je graag uitleggen waarom we voor deze rechtsvorm gekozen hebben.

Waarom een wooncoöperatie?

De gemeente stelde dat de benodigde overeenkomsten zoals een bruikleenovereenkomst en een omgevingsvergunning, getekend dienen te worden door een rechtsvorm zoals een stichting of vereniging. De gemeente wil die overeenkomsten niet met particulieren aangaan en dat begrijpen we. Voor onze initiatiefgroep was het daarnaast ook goed om ons te verenigen in een rechtsvorm. Dus daar kwam de keuze: welke rechtsvorm past bij ons?

De meest voor de hand liggende opties zijn: een stichting, een vereniging of een coöperatieve vereniging. Onze voorkeur lag direct bij een coöperatieve vereniging. In de gesprekken in onze initiatiefgroep kwam duidelijk naar voren dat we gelijkwaardigheid belangrijk vinden, ieder heeft een gelijke stem. De vraag was natuurlijk: ‘wat willen we bereiken met de rechtsvorm?’.

1: Een juridisch orgaan dat overeenkomsten kan aangaan met de gemeente

2: Grond huren en/of beheren van de gemeente voor Tiny House woonprojecten

3: Gezamenlijk producten en diensten kunnen inkopen ten behoeve van de leden

4: Van de investeringen die de leden doen om gezamenlijke voorzieningen aan te schaffen willen we een deel uit kunnen keren bij uittreding van een lid uit de organisatie

Een coöperatieve vereniging is de beste match bij deze vragen. We noemen het een wooncoöperatie, omdat onze coöperatieve vereniging als doel heeft woonprojecten te realiseren. Wooncoöperaties staan in de picture en staan zelfs vermeld in de woningwet. Onze wooncoöperatie is wel een tikje anders. In een wooncoöperatie zoals omschreven in de woningwet werkt een groep bewoners samen met een woningcorporatie (let op het verschil!) om woningen te kopen of te beheren. Wij gaan alleen grond beheren en ieder lid draagt zelf zorg voor de aanschaf of bouw van zijn/haar Tiny House. Ik vind het een prachtige aanvulling op het concept die past bij deze tijd. De omschrijving van Platform 31 welke een kennisdossier heeft over de wooncoöperatie, past heel goed bij onze missie:

‘Wat is eigenlijk een wooncoöperatie? Er circuleren verschillende definities, maar het belangrijkste is dat het gaat om een organisatievorm en geen specifieke woonvorm. Het collectieve aspect vormt de basis, doch een wooncoöperatie staat niet gelijk aan groepswonen. Het gaat erom dat mensen zich verenigen omdat ze van mening zijn dat ze samen een betere en betaalbare woonsituatie kunnen creëren. Traditioneel ontstaan coöperaties als de markt en instituties in een bepaald domein niet aan de behoeften van een bepaalde groep kunnen voldoen. Er is sprake van zowel onderlinge solidariteit als welbegrepen eigenbelang. De coöperatieve vereniging biedt daarvoor een goede juridische structuur.’

De leden

Het bestuur van onze Wooncoöperatie bestaat uit drie leden. Ik ben voorzitter, Marja Keizer is penningmeester en Marloes van de Gulik is secretaris. Lan Ha Ti Chi is daarnaast lid van de wooncoöperatie, daarmee hebben we momenteel vier van de vijf plekken in het pilot project ingevuld. Helaas hebben Rene, Michel en Martje ons tot onze en hun spijt laten weten op dit moment niet mee te kunnen gaan in het project. We hebben nog een paar mensen op de reservelijst, met hen gaan we eerst gesprekken aan. Mochten we met hen niet de vijfde plek in kunnen vullen dan gaan we een oproep doen voor nieuwe bewoners. Mocht je interesse hebben, zet jezelf dan op onze mailinglijst via de website: https://www.tinyhousealkmaar.nl/contact/